A Close Look at De Morgens iPad App

It’s on, baby! Zonder al te veel tam tam hebben we vorige week de allereerste iPad App van De Morgen gelanceerd, volgens mij een legendarisch nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van onze krant. Veel meer nog dan de lancering van de website, ik weet niet meer hoeveel jaar geleden. Want volgend jaar viert het internet zijn twintigste verjaardag, maar ondanks alle apocalyps-berichten heeft dat medium kranten niet laten uitsterven. Dat medium, ja, want zo zie ik het ook: internet is enerzijds een nieuw distributiekanaal, anderzijds een nieuw medium. Het nieuws lezen op een website, is iets helemaal anders dan een krant lezen. Online kies je veel meer zelf wat je leest, lees je vooral koppen en drie bijhorende zinnen en kom je in no time ergens anders terecht. In een krant kiest de redactie veel meer de volgorde van wat je leest, neem je veel meer je tijd om dieper op de actualiteit in te gaan en is je concentratie niet zo snel ergens anders naartoe.
Maar de krant lezen op de iPad is wél nog altijd de krant lezen. Je leest het gewoon op een andere drager, via een ander distributiekanaal, dat veel meer interactieve mogelijkheden heeft. Het is hetzelfde als radio luisteren via de FM-band of via het internet. Gebruik je die laatste drager, dan heb je geen ruis, kan je makkelijker switchen van kanaal en kan je programma’s herbeluisteren. Maar in de auto is het vooralsnog handiger via de FM-band, zoals een krant lezen op het strand vooralsnog handiger is op papier dan op een iPad, waarmee je dan weer veel meer mogelijkheden hebt. Enfin, veel meer dan op de site heb je op die iPad het gevoel dat je De Morgen leest, een krant die in mijn ogen staat voor kwaliteit, lef en af en toe wat humor. Veel lees- en scroll-plezier!
By the way, het filmpje is met weinig budget maar drie keer zoveel liefde gemaakt door Kenson, bekend als @thisiskenson op Twitter en van de geweldige blog cntrl.be. Bij deze citeer ik graag zijn motto: Spread it Like a WikiLeak.

Bangkok – Melbourne

Mijn blog ligt al een maand stil, en dat zal wellicht nog minstens vijf maanden zo blijven. Samen met mijn vriendin reis ik voor zes maanden van Bangkok naar Melbourne, met een grote (en veel te zware) rugzak over onze schouders. Wie dat wil, kan de reis volgen via De Morgen. Sinds vorige zaterdag verschijnt er elk weekend een column in de bijlage ZENO, over de reis. Iets korter op de bal maar ook iets sneller (en minder mooi) geschreven vind je af en toe nieuwe stukjes hier, op een blog op de website van De Morgen. Vanuit een regenachtig Singapore wens ik ondertussen iedereen een zalig kerstfeest, een gelukkig nieuwjaar en al het beste voor 2010. En als ik één tip mag geven: stel je jongens- of meisjesdromen niet uit, maar maak ze waar. You only live once.

Oh Hannah

veerlebaetens_yb5

Even kort door de bocht, maar kom, het is voor het goede doel: wat January Jones momenteel voor de Amerikaanse tv betekent, dat is Veerle Baetens voor de Vlaamse tv. Over haar rol als Sarah spreek ik me niet uit, omdat het programma niet echt my cup of tea was, maar in Loft speelde ze één van de strafste vrouwenrollen die ik in Vlaanderen ooit gezien heb en ook over haar rol als Hannah in Code 37 kan ik alleen maar in superlatieven praten.
Even schitterend als de acteerprestatie van Veerle vind ik deze foto, genomen door De Morgen-fotograaf Yann Bertrand. Bij onze krant hebben ze de gewoonte om een paar topfotografen exta in de spotlights te zetten. Terecht, want diegenen waarover ik het nu heb zijn ook echt de besten van het land. Maar onze andere, iets jongere talenten moeten nog weinig onderdoen, vind ik. Terwijl zij nog lang niet altijd het respect krijgen dat ze verdienen. Yann Bertrand, Jonas Lampens, Bob Van Mol, Jimmy Kets (spijtig genoeg vertrokken naar de concurrentie), Thomas Vanhaute, Isabel Pousset… Het zijn namen die bij het wat groter publiek minder bekend in de oren klinken dan Stephan Vanfleteren, Tim Dirven, Filip Claus of Alex Vanhee, maar net als die topfotografen schitterend werk afleveren. Daar mag ook Koen Bauters bij gerekend worden, nu fotograaf van De Standaard en Humo maar iemand met wie ik – toen we allebei onze eerste stappen in de media aan het zetten waren – vijf jaar geleden bij Menzo altijd zeer fijn heb kunnen samenwerken. Ik knijp me nog dagelijks in de arm dat ik interviews kan afnemen en me geen zorgen hoef te maken over de foto bij het stuk, omdat ik weet dat die altijd prachtig zal zijn.  Thanx, to all of you.

Nèh

Ik ben niét de mediaminister. Beloofd. En dat zweer ik. Meer kan ik niet doen. Ik weet zelfs niet wie het is. Ik ken alleen iemand die hem goed kent. En ik word ook niet ontslagen binnenkort. Of op non-actief gezet, zoals Gabriël Fehervari tegen de journalisten van Knack heeft verteld, al heeft hij dat nog net op tijd uit het interview weten te halen. Tenzij hij meer weet dan ik. En ik ben ook Walter Pauli niet. Uiterlijk zijn er lichte verschillen tussen ons merkbaar. En op journalistiek vlak reik ik nog niet aan zijn knieën.
Nèh.

Het leven zoals het is: De Morgen

Eerst en vooral mijn excuses, omdat er de hele week geen nieuwe stukken op mijn blog zijn verschenen. Nochtans had ik een paar vakantiedagen en dus tijd genoeg. Maar ik had geen goesting om te schrijven. Vorige maandag, achttien mei, zal mij bijblijven als de meest memorabele uit mijn nog prille journalistieke loopbaan, toen de hele redactie een middag lang vergaderd en gediscussieerd heeft over het feit of we nu wel of niet zouden staken. Uiteindelijk werd beslist die dag geen krant te maken. Ik begreep het standpunt van mijn collega’s, ik kan alle logische argumenten om die dag niet meer te werken één voor één volgen, al heb ik het er wel zeer moeilijk mee gehad. Omdat tienduizenden mensen de volgende ochtend een krant op hun ontbijttafel of op de trein wilden. Omdat ze daarvoor betaald hebben en omdat ze daar recht op hebben. 
Die avond ben ik volledig leeg huiswaarts gekeerd. De volgende dag heb ik nog twee stukken voor de krant geschreven, net als donderdag een dag lang over de soap rond de tv-rechten over de testwedstrijden tussen Anderlecht en Standard. Maar het kostte me moeite om mij op te laden, en op de feestjes waar ik naartoe geweest ben was ik een stuk minder vriendelijk dan gewoonlijk. Als ik van één iets geschrokken ben, dan wel van hoe zoiets in je kleren kruipt en hoe het jou verandert.
Hoewel ik er voortdurend naar gevraagd word, wat ook normaal is gezien ik zelf de media op de voet volg, wil ik weinig kwijt over de situatie bij De Morgen en over mijn persoonlijke visie daarop. Omdat het blijkbaar toch niets uithaalt wat ik denk of zeg. En omdat het toch maar één versie van de werkelijkheid is. Een werkelijkheid die ook nauwelijks te vatten is. Er zijn zoveel kanten aan het verhaal, er zijn zoveel pogingen van goede wil geweest om het conflict te vermijden, op alle niveaus (redactie, hoofdredactie en directie), maar er zijn evenveel smerige tackles uitgevoerd, eveneens op alle niveaus. En evenveel is er een in mijn ogen foute of naïeve beslissing genomen. Het heeft allemaal geleid tot een situatie die volgens mij vermeden had kunnen worden. Het meest frustrerende gevoel dat bij mij overheerst is het gevoel dat het ook allemaal anders had gekund. Dat het niet gelopen is zoals het had kunnen lopen, zorgt voor een onprettig gevoel van machteloosheid en verslagenheid.
Omdat ik er zo vaak naar gevraagd word en omdat velen naar mijn blog surfern om precies dat te lezen, bekruipt me vaak de zin om toch eens de voorbije zes maanden – of beter: de voorbije twee jaar – op papier te zetten. Zoals Guy Talese, de beste new journalist aller tijden (probeer zijn stuk ‘Frank Sinatra has a cold’ te lezen!),  gedaan heeft in het boek ‘Kingdom and the Power’ over zijn jaren bij de New York Times. We zien wel…
Ondertussen verwijs ik alvast graag door naar de blog van mijn ex-collega Tim F. Van der Mensbrugghe. Tim is één van de dertien werknemers die de redactie gedwongen moest verlaten. Heel Vlaanderen lijkt zich zorgen te maken over welke kaas Bernard Dewulf of Hans Vandeweghe nu op hun boterham zullen moeten leggen, terwijl de eindredacteurs in alle stilte zijn verdwenen. Tim is één van de vreemdste mensen die ik de voorbije jaren heb leren kennen, maar ook één van de sympathiekste. Dat ik hem al vrij snel na de uren regelmatig aan de toog van het plezantste café van Gent tegenkwam schepte een band en de voorbije twee jaar heb ik graag met hem samengewerkt en heb ik hem leren kennen als een eindredacteur die met veel liefde voor taal aan teksten sleutelde. Ook aan die van mij, waarvoor ik hem nog eens wil bedanken.
Op zijn blog schrijft hij over zijn ervaringen van de voorbije weken. Tims mening is de mijne niet. Ik ben zeker dat we over heel wat zaken een totaal ander standpunt en visie hebben. Dat is normaal, we zitten ook in een volledig verschillende situatie en we reageren anders op bepaalde zaken. Dat betekent niet dat Tims mening er niet zou toedoen, wel integendeel. Het feit dat hij ontslagen is – u, ik en vooral hijzelf mogen dat spijtig vinden, maar het is nu eenmaal zo – maakt zijn verslag des te interessanter en aangrijpender. Als een moderne, éénentwintigste eeuwse journalist had hij ook nog eens zijn fotocamera bij op de memorabele bijeenkomst van vorige maandag, waarmee hij een aantal – weliswaar voor een heel kleine groep mensen – historische beelden maakte. Vooral de foto hieronder met daarop Yves Desmet en Rudy Collier, twee ex-hoofdredacteurs en allebei hoofdrolspelers met een serieuze invloed vorige maandag, legt voor mij de belangrijke bijeenkomst vast.
Het moeilijkst afscheid nemen is het van Filip Claus, één van de allerbeste persfotografen van ons land. Zo lang ik journalist ben, heb ik altijd snel een band gesmeed met fotografen, omdat elkaar begrijpen tijdens een opdracht absoluut noodzakelijk is. Ik wéét hoe belangrijk een goede foto bij een stuk is. Jouw artikel mag nog zo goed zijn, zonder sterke kop en een prachtig beeld leest niemand het. Alle fotografen die voor De Morgen werken zijn de crème de la crème in dit land, en het feit dat ik nooit meer met plaatselijke amateurs zou moeten werken was één van de redenen waarom ik twee en een half jaar geleden naar die krant ben overgestapt. Ging je een dag op stap met Filip Claus, dan wist je dat je ook zou moeten luisteren naar wat gemekker, omdat Filip niet altijd even optimistisch door de wereld stapt, maar je wist ook dat je iemand mee had die alles deed om zich in te leven in een onderwerp of een interview en na afloop steevast een fantastisch beeld naast jouw stuk zette. Het enthousiasme waarmee hij me op de redactie kwam vragen om eens te kijken naar de foto’s die hij voor mij gemaakt had zal ik missen zo lang ik niet meer met hem kan samenwerken. Ik hoop dat Filip opnieuw de moed samenraapt om te blijven beklijvende foto’s nemen en dat er media zullen zijn die daarin willen investeren. Keep up the good work, Filip!

 

yvesrudy

Peter Vandermeersch redt De Morgen

Na zeven jaar ben ik gisterenavond nog eens in een auditorium van de Gentse universiteit op de Blandijnberg beland. Daar is een simpele verklaring voor. Een groep studenten had een debat over de veelbesproken crisis in de Vlaamse media organiseert. Het zoveelste ondertussen, jawel, maar die studenten hadden wel de mooiste line-up aan panelleden so far weten samen te stellen. Van links naar rechts zaten aan tafel: Peter Vandermeersch (hoofdredacteur De Standaard), Karin Raeymaeckers (prof. Journalistiek UGent), Yves Desmet (politiek commentator De Morgen), Eric Goens (directeur informatie VTM) en Marc Van de Looverbosch (voorzitter VVJ). Moderator van dienst was Ides Debruyne van het Fonds Pascal Decroos. Eindelijk zaten de zogenaamde marketeers/hoofdredacteurs mee aan tafel, al waren ze deze keer misschien met iets teveel gelijkgezinden om echt vuurwerk op te leveren. “Het leek wel te gemakkelijk”, lachte Vandermeersch achteraf.
Diezelfde Vandermeersch pakte echter met groot nieuws uit tijdens het debat. De man, die al 123 jaar verpersoonlijkt wordt met De Standaard, heeft twintig jaar geleden nog De Morgen gered, zo bleek. “Toen ik hier nog op deze universiteit zat, ben ik geregeld in De Vooruit gaan fuiven om De Morgen te redden.” En het beste moest toen nog komen: “Ik heb er zelfs een kleine aan overgehouden.” Hilariteit alom, quoi. “Ik was nauwelijks meer dan twintig en ik werd al vader. Allemaal de schuld van De Morgen.”
Is onze krant toch nog ergens goed voor geweest. Hopelijk.

Internetspecial in Media.com

afbeelding-1

afbeelding-3

Deze ochtend stond Media.com, de wekelijkse mediabijlage van De Morgen, volledig in het teken van de toekomst van het internet. We brengen een reportage over Twitter en interviews met Vint ‘founding father of the internet’ Cerf, Jeff ‘What Would Google do?’ Jarvis, de Adnerds van Proximity en Jo Caudron, internetpionier in België, die durft uit te halen naar Woestijnvis: “Op zich vind ik Woestijnvis fantastisch, maar ze denken niet buiten de tv-doos. Dat zal hen uiteindelijk de das om doen.” Ik hoor ook graag Jeff Jarvis wanneer hij zegt: “Elke modern denkende hoofdredacteur zou zijn journalisten aan het bloggen moeten zetten.” Check.
De reacties op Twitter over onze special zijn unaniem lovend. Hierboven een screenshot van wat er allemaal verteld werd op de microblogsite. Geniet van onze bijlage.